Tekenen

tekening konijn

Je eerste keer tekenen was bijzonder. Een vel A3 papier op de grond en een setje hele dikke potloden ernaast. Wat zou je gaan doen? Je ging ernaast zitten en zag de kleuren; ‘Rood! Groen! Blauw!’ Toen wist je nog niet wat dan welke kleur was. Je pakte een potlood op, maar snapte niet wat je ermee kon. Mama moest het dus maar even voordoen.

Mama moest even nadenken wat ze zou tekenen. Mama kan namelijk niet tekenen. Dat is natuurlijk eigenlijk onzin. Iedereen kan tekenen. In je eerste kleuterjaren teken je erop los en vindt iedereen je tekeningen prachtig, waardoor je alleen maar meer, groter en fantasievoller de mooiste dingen maakt. Maar ergens gaat het mis. Ik denk zo aan het eind van de basisschool. Dan teken je een prachtig paard en laat je dat trots zien. En dan ineens zegt iemand; ‘Maar dat klopt niet helemaal hoor. Die benen zijn veel te kort en het hoofd lijkt niet op een paardenhoofd.’ Vanaf dat moment kan je niet meer tekenen.

Mama kan dus wel tekenen. Mama tekende een boom. ‘Boom!’ riep je. Daarna wat appels erin. ‘Appelboom!’ Dat ging dus goed. Vervolgens stopte mama een potlood in je hand. Het was even zoeken hoe het werkt. Ja, de punt moet op het papier. Hoe houd je dat nou vast? En dan moet je ook nog een beetje drukken. De eerste keren was het geluk als er iets van kleur op het papier kwam.

Toen je het eenmaal doorhad, had je de smaak te pakken. Grote halen gingen over het hele vel. Vooral als mama iets getekend had, dan kwam gelijk daarna jouw hand om het potlood af te pakken. Terwijl je ‘Zon! Mooi!’ riep, werd die zon vakkundig helemaal weggekleurd.

Inmiddels teken je aan je tafeltje en zit je op je stoeltje. ‘Mama tekenen.’ ‘Mama tekenen!!!’ Mama moest er wel een beetje snel bij komen zitten. Mama zat op een stoeltje achter jou en tekende zo op jouw papier wat er gevraagd werd. ‘Wolk!’ Je hield je eigen kleurtje vast en mama moest nog snel tekenen ook, anders was de wolk alweer helemaal door jou weggekrast. ‘Grote wolk!’ ‘ Blauwe wolk!’ ‘Roze wolk!’ ‘Huis!’ ‘Vis!’ ‘Rode Vis!’ Mama kon het goed bijhouden en het ging goed. Tot vandaag dan.

‘Mama Vis!’ Met de vis heeft mama inmiddels ervaring. ‘Mama Dolfijn!’ Pardon? Een dolfijn? ‘Mama moet even een boekje pakken, hoor!’ En met een voorbeeldje ernaast tekende mama iets wat leek op een dolfijn. Er was even wat twijfel, maar uiteindelijk ging het goed. De dolfijn werd weer vakkundig met een kleurpotlood bewerkt en ondertussen zei je ‘Dolfijn, mooi!’ Maar echt overtuigend klonk het niet. Na weer wat sterren vroeg je een vogel. Dat ging goed. Daarna riep je ‘Struisvogel!’ Mama tekende een dikke vogel met lange poten, lange nek en een leuk kopje. Aardig gelukt dacht mama zo. ‘Nee!’ riep jij echter en legde je potlood neer. ‘Geen struisvogel!’ en vervolgens wilde je van stoeltje af. Mama kan niet tekenen.

En de tekening hierboven? Die is natuurlijk van mama. Gemaakt toen jij niet in de buurt was om alle potloden uit mama’s handen te trekken of meteen met grote halen over de tekening te krassen. Mama gaat hem je straks nog wel even laten zien. Mama hoopt toch zo dat je ‘Konijn! Mooi Konijn!’ gaat roepen!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s